Vrijdagmorgen waren we wonder boven wonder heel vroeg uit de veren om alle laatste spulletjes in de rugzak te stouwen zodat we die konden dumpen in het hostalletje waar we verbleven terwijl wij zes dagen lang de Ausangatebergketen onveilig gingen maken. We zaten nog geen minuut klaar voor een snelsnel miniontbijtje toen Manco en de ploeg waar we mee gingen trippen binnen kwamen vallen. Ze gaven ons aparte rugzakjes om ons extra setje kleren en andere spulletjes in in te pakken die dan op de trip door de drie stoere viervoeters gesjouwd zouden worden, voor ieder een eigen zak wat een luxe :-D. Ik wilde nog snel snel een broodje met boter naar binnen stouwen toen ze zeiden dat ze wel tien minuutjes konden wachten terwijl wij op ons gemakje verder aten zodat we al niet meteen een indigestie overhielden. Daarna begonnen we aan de drie uur durende haarspeldbochtenrit met een busje van het reisagentschap richting T´inkim een klein dorpje dat het vertrekpunt vormt voor iedereen die aan de Ausangate Trek begint. Onderweg zijn we door verschillende pittoreske dorpjes gesnord, op het marktje in Urcos werd een pauze ingelast om wat te eten en te drinken. Manco trakteerde de hele ploeg
op een grote kuip lekker zoete Chicha, heel wat beter dan die bittere versies in Chiclayo :-P. In Urcos bleek al snel dat we met een toffe bende op stap waren, allemaal afkomstig uit Qosqo en omstreken. In Urcos zijn we aan de praat geraakt met de vrouwen en kindjes in traditionele kledij die ons eten voorschotelden, het was wel komiek want voor mij was het een onverstaanbaar gebrabbel van Spaanse woordjes in Quechuazinnen. Er waren een paar grappige oudjes die hun ongeloof uitdrukten over het feit dat dat blond scharminkel oooook mee ging trekken!! Op het marktje in Urcos staat een gigantisch standbeeld van een bekende Inca (zijn naam is me effe onstnapt) die het verzet tegen de Castillanos leidde, om het trieste verhaal een beetje in te korten, de sukkel zijn vrouw werd voor zijn ogen vermoord en hijzelf werd gevierendeeld waarbij elk deeltje naar verschillende opstandige regio´s gestuurd werd, mjaja Manco kon dat heel sappig vertellen bweik. Terwijl we daar nog een petje gekocht hebben voor Bolleke heeft Manco voor ons een stel plastieken poncho´s gekocht in het geval dat Inti zich achter de wolken zou verstoppen en het zou beginnen gieten. Daarna zijn we nog een
heel stuk verder gereden totdat we aankwamen in T´inki waar we op zoek zijn gegaan naar onze toch wel bijzonder fijne arriero Francisco. Na een beetje speurwerk hebben we hem dan toch gevonden terwijl we de dorpelingen afsloegen die ons andere arrieros wilden aansmeren. Er zijn blijkbaar heel wat wandelaars die hun tripje komen maken en de arrieros die ze inhuren uitbuiten voor een belachelijk lage vergoeding en hun laten opdraven als arriero, kok en verpleger, gelukkig doet ons reisagentschap niet aan zulke wanpraktijken :-D. Tien minuutjes later zijn we aangekomen op wat onze eerste kampplaats zou worden voor die avond: een kleine vlakte aan de voet van het trekkerspad met op de achtergrond de idyllische aanblik van de poep van de Ausangate op 3900m hoogte. Onze tentjes werden opgesteld en een lunch klaargestoomd zodat we rustig de tijd hadden om wat te acclimatiseren. Daarna hebben we een korte siesta gehouden todat Manco ons kwam halen om een kleine wandeling te maken in de omgeving. Met volle moed achter Manco aangehold maar dat ´kleine wandelingetje´viel wel effe tegen met een klim die steil naar boven ging en maar geen einde leek te hebben. Daarbij kwam nog eens dat Manco op
zijn grootste gemak die bergen leek op te hollen. Afijn, mijn tong hing al halverwege de grond na tien minuutjes gevolgd door een lichte paniekaanval voor de volgende vijf dagen. Maar eenmaal de eerste shock gepasseerd zijn we verder gewandeld naar een grote natuurlijke rots die daar in het landschap ligt te relaxen. Eenmaal uitgehijgd op de rots heeft Manco heel wat vertelt over de geschiedenis van de Quechuacultuur, de oorspronkelijke bewonders, de cultuur en vooral de Inca-filosofie. Dat waren echt heel fijne momenten en als toetje heeft Manco nog voor wat achtergrondmuziek gezorgd met zijn fluit. De zachte fluitdeuntjes zouden ons vanaf dan elke dag vergezellen op onze trip, heel aangenaam om naar te luisteren met die geweldige echo's tussen de bergen. Op de rots hebben we zeker 40 minuutjes rondgehangen totdat het ineens ontzettend donker werd langs een kant en begon te druppen: een prachtige regenboog tot gevolg die de hele vallei in beslag nam. Een schitterend teken! Daarna zijn we terug afgedaald waarbij we onderweg nog wat plaatselijke boeren passeerden en zelfs eentje die zijn gedomesticeerde Alpaca voor een fotootje wilde lenen. De rest van de dag hebben we rustig doorgebracht en aangezien het redelijk snel donker
(en ijskoud) wordt in het hooggebergte hebben we de rest van de avond gekaart met Manco en Leo, onze andere superfijne gids. De eerste nacht was wel een schok: met alle kleren aan in de slaapzak gekropen lekker dicht bij elkaar en nog met onze tanden klepperen van de koude brrrrr, en het zou alleen maar erger worden!!