Published: January 10th 2009Asia » China » Sichuan » ChengduJanuary 10th 2009
Chinezen. Het zijn er veel, maar oh, zelden zulke bangerikken meegemaakt.
'You're so brave!' Het wordt me nergens zo vaak gezegd als hier in China. Chinezen snappen het niet, dat alleen reizen. En zeker niet als je verteld dat je al bijna een jaar weg bent. 'Dan vlieg je zeker af en toe terug naar huis?' Nee dus. Alleen reizen, dan moet je vast wel heel eenzaam zijn. En je familie en vrienden enorm missen. Ongeloof staat op hun gezichten te lezen wanneer je vertelt dat dat wel meevalt. Chinezen reizen niet alleen. Ze reizen met hun familie, of partner, maar niet alleen. En zelfs dan gaan ze uitsluitend met een toergroep mee. Want stel je voor dat je alleen alles uit moet zoeken, en je in een onverwachte situatie terecht komt. Dat je iemand niet verstaat, omdat hij een ander dialect spreekt. Of de weg kwijt raakt. Nee, dan liever met een bus soortgenoten die ook allemaal hetzelfde petje op hebben achter een gids met megafoon aan hobbelen om bij elke bezienswaardigheid een half uurtje foto's te maken en weer terug de bus in te gaan, die je na afloop weer netjes bij je hotel afzet. Hoe typerend, in
een communistisch land, dat individueel reizen wordt ontmoedigt en je als collectief het beste af bent, en dat wordt aangemoedigd. En dan drukken vrijwel alle Chinezen die ik ontmoet me op het hart om op de volgende bestemming met zo'n groep mee te gaan. Geen haar op mijn hoofd die er aan denkt.
Chinezen zijn bang om dingen aan het toeval over te laten, dat is wel duidelijk. Alles is geregeld, nog meer dan in Nederland. Overal schuilt namelijk gevaar, als je de Chinees mag geloven. Restaurants geven hun servies en bestek verpakt in plastic. Na gebruik door een vorige klant wordt het gewassen, in een bacterievrije kast gezet, en vervolgens vacuumverpakt, om te zorgen dat er geen bacterieen op je bord of glas komen. Paranoide. In China wemelt het van de bewakers en agenten. Bij winkels, parken, bezienswaardigheden en vooral op stations. Overal word je in de gaten gehouden, zeker als buitenlander. Dan ben je extra verdacht. Op stations kijken ze net even wat geconcentreerder als je binnen komt lopen. En zelfs als je alleen een kaartje wil kopen voor de bus moet je tas door een x-ray scanner, net als bijvoorbeeld op Schiphol. Geldt ook voor bijvoorbeeld
de metro in Beijing en alle treinstations. Daar dien je ruim van te voren aanwezig te zijn. Zowel de bus- als de treinstations zijn per definitie kollosaal, met lange rijen bij de ingang. Bij binnenkomst moet je bagage eerst door de scanner. Vervolgens kijk je op een groot scherm in welke wachtruimte je moet wachten op je trein. Daar krioelt het van de mensen. Tien minuten voor vertrek van de trein wordt er op tamelijk hysterische wijze melding van gemaakt dat je als de sodemieter naar je trein moet. Want die vertrekt bijna. En vijf minuten voor vertrek gaat de 'gate' dicht. Kom je na die tijd aan, dan mis je dus je trein. Die nog moet vertrekken.
Eenmaal in de trein of de bus heb je een steward. Die staat voor vertrek netjes naast de ingang van de coupe of de bus. Eenmaal in de coupe gaat ze alle passagiers in de coupe langs (iedere treinsteward heeft zijn eigen coupe, en ook alleen die coupe) om de kaartjes in ontvangst te nemen en in een map op te bergen. In ruil krijg je een soort pinpas. Vervolgens komt er een collega die, bloedserieus, alle koffers en tassen in
het bagagerek netjes gaat leggen. Dat is zijn taak, om in de hele trein de bagage in de rekken netjes te leggen. Voor het geval het er misschien uitvalt. Een uur voordat je aankomt maakt de treinsteward je wakker of waarschuwt ze je dat je er 'bijna' bent. In die tussentijd loopt ze geregeld door de coupe om alles in de gaten te houden. Of je je schoenen niet mee in bed neemt. Of je niet stiekem rookt, zoals Chinezen normaal schijnen te vinden in slaaptreinen.
Neem een taxi, en de chauffeur zit in een soort kooi. Alsof hij beschermt moet worden voor de passagier. Een gordel dragen doen ze dan weer niet. Daarbij rookt letterlijk iedere Chinese man. En de Chinezen op hun muisstille electrische brommers doen 's avonds hun licht niet aan om de accu te sparen, met ronduit gevaarlijke situaties tot gevolg. Daar kunnen ook die talloze bouwvakkers en mijnwerkers over praten, wanneer zij of hun collega's weer eens in de problemen komen door falende of niet-existente veiligheidsmaatregelen. Of als je baby giftig melkpoeder gevoerd krijgt. Op het vliegveld kan je je dan wel weer laten verzekeren, voor het geval het vliegtuig een ongeluk krijgt. En neem de klaar-overs. Waag het niet om over te steken als de klaar-over haar (het zijn meestal vrouwen) op haar fluitje heeft geblazen en haar vlag heeft uitgestoken. Je wordt resoluut teruggefloten, of er nu verkeer aan komt of niet. Gevaarlijk. En dan zijn er nog de waarschuwingen. Talloze bordjes waarschuwen je voor potentieel gevaar dat geen gevaar is. Een trap, een aflopend pad, of gewoon een leuning waar je niet op mag zitten. Het lijkt wel alsof er een speciaal ministerie in het leven is geroepen dat zich alleen maar bezig houdt met het ontwikkelen van dit soort bordjes. En elk jaar een flink budget tot zijn beschikking heeft. Of het komt dat Aziaten vaak zo heerlijk klungelig zijn, of juist andersom, ik weet het niet. Maar dat betuttelende van de Chinezen, die altijd denken te weten wat goed is voor je, komt me danig de keel uit.
Wanneer Christina en ik op bezoek gaan bij Vanina, zoeken we ons een ongeluk. Niet naar de flat van Vanina, maar naar een ingang. Alle ingangen in het hek rond het parkje waar de flatgebouwen in staan zijn gesloten. Typerend, alles wordt met hekken en sloten afgesloten. Het is half acht 's avonds, en donker. Na een minuut of twintig zoeken vinden we eindelijk een hek dat open blijkt. Eenmaal in de flat van Vanina worden tal van gallerijwoningen afgesloten met een rolluik. De Chinezen die we in het park tegenkomen kijken ons schichtig aan. Vreemden, en nog buitenlanders ook. De angst zit er diep in, na decennia van propaganda. Vraag een oudere Chinees de weg en ze wuiven je gelijk weg, en lopen snel door. Hoe minder contact met buitenlanders, hoe beter, lijkt het idee.
Vanaf het moment dat de CPC in de jaren veertig aan de macht kwam draait de propagandamachine op volle toeren, zoals alleen communisten dat kunnen. Vanaf het allereerste begin gebruikt de CPC dat middel om eenheid onder de bevolking te creeeren, en haar greep te verstevigen. Niets werkt zo goed als angst om bepaalde maatregelen te kunnen nemen, tenslotte, en zo je macht op de bevolking te verstevigen. Zie de VS na 11 september, en de vrijheden die we ook hier in Nederland daar voor ingeleverd hebben met het idee dat we daarmee aanslagen kunnen voorkomen. Decennialang zijn de kapitalisten, en de VS voorop, als satan afgeschilderd door het Politburo. Telkens was er een aanstaande aanval op China voorhanden, volgens de overheid. Of waren er 'anti-revolutionaire krachten' actief in het land, die de staat wilden omver werpen. Een prachtig middel voor Mao om zijn politieke tegenstanders uit de weg te ruimen, door ze naar strafkampen te sturen. Een middel ook waar je je nooit tegen kan verzetten, zo wist ook de bevolking en de lager geplaatste functionarissen, die de opdracht kregen anti-revolutionairen op te sporen.
Dat leverde de meest verschrikkelijke tragedies op. Bij gebrek aan anti-revolutionairen (er waren zoveel van deze razzia's dat ze al snel spijkers op laag water zochten omdat de targest moesten worden gehaald, anders was je als bestuurder de volgende) werden compleet onschuldige mensen werden aangeklaagd als 'kapitalist'. Bijvoorbeeld als een boer een stukje land had, of eigen vee. Of iemand boeken had die niet waren voorgeschreven door het Politburo, dan was je een anti-revolutionair. De gekste redenen werden van stal gehaald, en verdedigen kon je je niet. Daarbij was er niemand die voor je in de bres sprong, anders was die de volgende. Chinezen zijn nog steeds als de dood voor de overheid, politie en ordebewakers in het algemeen. Want doe je iets wat niet mag, dan is de overheid niet te beroerd om je te martelen, te executeren of je op andere wijze het leven zuur te maken.
Buitenlanders kwamen China ondertussen niet in, en Chinezen mochten zeker niet naar het buitenland. De strenge censuur zorgde ervoor dat al het buitenlandse nieuws dat de gemiddelde Chinees bereikte goedgekeurd was door het Politburo. Daardoor had de Chinees geen enkel idee wat er buiten China gebeurde, en of het waar was dat buitenlanders hoorntjes op hun hoofd hadden en hoeven als voeten hadden. Pas bij het bezoek van Nixon in '72, waarbij hij de Chinese Muur beklom en zei 'this is a great wall!', zagen de Chinezen pas dat Amerikanen ook best aardig konden zijn. Het ontzag voor de VS was er al en is er nog steeds. De angst en arwanendheid was er echter nog niet gelijk mee verdwenen. Ook niet naar hun landgenoten.
China is, net als India, niet een land, maar een verzameling provincies die niet zelden meer van elkaar verschillen dan dat ze gemeen hebben. Gedurende de millenialange geschiedenis van wat we nu China noemen is het maar een paar krijgsheren gelukt om alle provincies onder een vlag te krijgen. Mao, of beter gezegd de CPC (die er vervolgens voor gezorgd heeft dat Mao alle eer kreeg, kwestie van de geschiedenis herschrijven), kreeg het voor elkaar om het land te verenigen. Al die provincies spreken hun eigen dialect, hebben hun eigen keuken en eigen gebruiken. En dan heb je nog de lokale stammen, waarvan er met name in Yunnan veel zijn. Veel Chinezen kunnen elkaar niet verstaan. Alleen het schrift verbindt ze, want dat is overal hetzelfde want verplicht.
Met de komst van internet begint een interressante tijd. Jonge Chinezen kunnen nu zelf zien hoe de buitenwereld er voor staat, nu ze eindelijk een mogelijkheid om aan informatie te komen die niet is gecensureerd door de overheid. Die censureert ongeveer 10% van alle internetsites, waaronder bepaalde pagina's van wikipedia en talloze nieuwssites als BBC en CNN, maar via omwegen en blogs kan daaromheen worden gewerkt. Totdat een van de 30.000 man/vrouw tellende Chinese cyberpolitie ook die site blokkeert. Ook Google heeft haar zoekfunctie aangepast aan de Chinese markt. Zoek bijvoorbeeld eens op 'Tianenmen square' en '1989' en je vindt niets van de demonstraties. Nu kunnen de schellen van een nieuwe generatie Chinezen van de ogen vallen, met mogelijke gevolgen voor de politieke structuur van China. Het is de vraag hoeveel Chinezen hierin geinteresseerd zijn.
Tegelijk is het een beangstigende tijd. De jeugd heeft nooit de verschrikkingen meegemaakt als de Culture Revolutie, de Grote Sprong Voorwaarts of de demonstraties van '89. Ze zijn opgegroeid in een tijd dat het levenspeil elk jaar een beetje hoger werd en de overheid werd geprezen voor deze vooruitgang. Ze zijn opgegroeid met het idee dat China geweldig is en Chinezen te gek. Kritisch denken over de praktijken van de overheid is er voor veel Chinezen niet bij. De Rennaissance? Geen idee. En bij de Verlichting denkt een Chinees aan een lamp. Nu China door die ongekende economische groei steeds machtiger wordt en ziet dat ze een belangrijke speler op het wereldtoneel aan het worden is, is de vraag wat de jeugd gaat doen met die informatie over de buitenwereld en wat voor positie daar in neemt en kan nemen. De toekomst zal het uitwijzen.
Ron de l a Beton
non-member comment
Mooi stukje!
Goed geschreven!
From Blog: Een bang land